BEROEP SALMAN TEGEN BESLISSING VAN HET OPENBAAR MINISTERIE OM JAN FRANSSEN NIET TE VERVOLGEN LEIDT TOT ZITTING BIJ HET GERECHTSHOF

Noordwijk – Eerder maakte Dennis Salman bekend dat hij beroep heeft aangetekend tegen het besluit van het Openbaar Ministerie (OM) om de heer J. Franssen, oud Commissaris van de Koning (CdK), niet te vervolgen wegens overtreding van ondermeer het Wetboek van Strafrecht.

Het Gerechtshof te Den Haag heeft het besluit van het OM niet zonder meer overgenomen en heeft daarom een zitting georganiseerd op – en dat kan geen toeval zijn- 19 maart 2014!

Tijdens deze besloten zitting zal Het Hof Dennis Salman en mogelijk ook de verdachte, de heer J. Franssen, horen over het door Dennis Salman gestelde.
Naar de overtuiging van Dennis Salman heeft dhr Franssen als Commissaris van de Koning(in) de Gemeenteraad van Noordwijk ernstig belemmerd in zijn vrije functioneren als democratisch orgaan. Wij zullen daarom de structuur nog eens uiteenzetten.

1. De CdK heeft in de procedure tot selectie en benoeming van een burgemeester een zekere faciliterende taak: advies aan de Minister, die de benoeming onder de Kroon doet, en advies en hulp aan de Gemeenteraad. Dhr Franssen heeft deze bescheiden functie stevig uitvergroot. Als de Minister alleen naar de CdK luistert en diens advies overneemt, en de Gemeenteraad niet eens het besluit van de Minister te zien krijgt, maar alleen een bericht van de CdK, wie heeft dan in werkelijkheid het besluit genomen? Dit is een vorm van oprekken of misbruik van bevoegdheid.

2. De CdK heeft een bevoegdheid waarnemende burgemeesters te benoemen. Zoals in de wet duidelijk staat, als uitzondering op de bevoegdheid van een Gemeente om bij afwezigheid van een burgemeester uit eigen midden een loco-burgemeester aan te wijzen. Niet meer dan dat. Maar dhr Franssen heeft deze bevoegdheid opgerekt tot een zelfstandige, die hij naar believen (nu nog ingeval van fusie maar waar is de grens?) kan inzetten; voor hem gaat dit recht zover dat zelfs de normale redenen om een procedure tot selectie van een echte burgemeester aan te vangen ervoor moeten wijken. Dit is misbruik, dan wel zelf creëren van bevoegdheid.

3. Valt in de gemeente een vacature voor burgemeester, dan roept dhr Franssen de voorzitters van de fracties in de Gemeenteraad bij zich, legt ze uit dat ze geen burgemeester krijgen en dat ze over fusie moeten gaan praten. Hij zegt erbij dat bij onwilligheid hij ervoor zal zorgen dat de gemeente een slechte burgemeester krijgt. Een dreigement waar een doorgewinterde crimineel niet van zal wakker liggen; maar alles is relatief. Een gewoon Nederlands lid van een gemeenteraad wijkt hiervoor; “schoorvoetend”, zoals de fractie Puur Noordwijk later schreef.

4. De fractievoorzitters leggen zich erbij neer, en met hen, automatisch, hun fracties. De CdK geeft een (standaard) persbericht uit dat de gemeenteraad “na goed overleg” met de CdK zelf “unaniem” heeft besloten over fusie te gaan praten, en dat de CdK daarom een waarnemend burgemeester heeft benoemd. Een verhullende tekst, en niet per ongeluk.

5. De waarnemende burgemeester krijgt (dit staat in latere stukken openlijk) van de CdK als uitdrukkelijke “wens” mee dat hij een fusie op gang brengt. De waarnemende burgemeester verklaart aan wie het horen wil dat hij “geen opdracht” tot fusie heeft. Nee, maar aangezien de CdK geen bevoegdheid heeft zulke opdrachten te verstrekken, komt nadrukkelijk meegeven van zijn “wens” informeel op hetzelfde neer, zeker voor een waarnemer die nooit anders dan waarnemer was en wiens carrière dus in handen van dhr Franssen ligt.

6. Noch de CdK noch de waarnemende burgemeester doet ooit de minste moeite om aan wie ook uit te leggen waarom fusie nodig of gunstig is. Het blijft bij oproepen om “over de eigen schaduw heen te springen”, de “uitdaging aan te gaan” en dergelijke. Welke druk achter de schermen op de Raad wordt uitgeoefend, laat zich raden; maar dat is totaal ongrijpbaar voor de bewijsvoering van wie het zou willen aankaarten.

7. Als uiteindelijk de Gemeenteraad toch de moed heeft tegen fusie te stemmen, trekt de CdK een verstoord gezicht en zegt dat de Raad er nog maar ’s over moet denken, en stemmen. Het wettige Raadsbesluit wordt door de CdK gewoon naast zich neergelegd. Een Raadsbesluit is pas een Raadsbesluit zodra het luidt zoals de CdK wilde.

8. De CdK verklaart dat hij zijn waarnemende burgemeesters niet weghaalt zolang er niet een Raadsbesluit tot fusie of iets dergelijks ligt. Hij durft zelfs dit openlijk in de krant te zetten; zie Leidsch Dagblad 29 december 2012:
“Als wat uit de raadsconferentie komt een beeld oproept als ware het een fusie, dan komen er weer kroonbenoemde burgemeesters, ja.”
Hier wordt helemaal duidelijk dat dhr Franssen eigenmachtig beschikt over al dan niet starten van een procedure tot selectie van een Kroonbenoemde burgemeester; hoewel hij enkel advies mag geven, en de benoeming staatsrechtelijk niet eens door de Minister maar door de Kroon geschiedt, zoals het woord immers zegt.
En hier wordt helemaal duidelijk dat dhr Franssen voor het starten van die procedure openlijk als voorwaarde stelt dat de Raad zal hebben besloten tot fusie, of tot iets dat er naar de zin van dhr Franssen voldoende op lijkt.
Van de vrijheid van de Gemeenteraad om te besluiten naar eigen inzicht, blijft hier niets over.

9. Op een bijeenkomst in Kasteel Duivenvoorde werd aan dhr Franssen gevraagd of hij vond
dat er van boven op de Gemeenteraden pressie mocht worden uitgeoefend. Zeker, antwoordde hij: “Enige druk en drang is echt nodig.” Al wat hier boven werd beschreven is dus niet toeval maar opzettelijk zo bedoeld.

10. De Gemeenteraad heeft het recht het vertrouwen in een burgemeester op te zeggen. Voor een waarnemer geldt dat echter niet, wat voorstelbaar is, omdat een waarnemer uitsluitend in noodgevallen wordt benoemd. Maar door de onwettige werkwijze van dhr Franssen en zijn waarnemende burgemeesters heeft de Gemeenteraad dus al twee en een half jaar voor wat betreft de eigen waarnemer geen mogelijkheid dit elementaire democratische recht uit te oefenen. Wanneer er wel eens een motie van wantrouwen dreigde, liet de waarnemende burgemeester van Noordwijk subtiel weten hoe het met de speelruimte van de Raad was gesteld.
Hier is zo ongeveer de hele intrige blootgelegd; met uitzondering van wat er zoal achter de schermen is gebeurd, en wat niet weinig was.
Onmiskenbaar is dat dhr Franssen de Gemeenteraad alle ruimte voor een eigen beslissing ten aanzien van de fusie heeft benomen. Welk element belangrijker is, of doorslaggevend zal niet makkelijk worden bepaald: de eigenmachtige vergroting van zijn bevoegdheid inzake zowel de Kroonbenoemde als de waarnemende burgemeester; de bedreiging van de Raad met een inferieure burgemeester; het weigeren van een wettig Gemeenteraadsbesluit. Maar alles bij elkaar is het beeld compleet, en voldingend.

Het Gerechtshof te Den-Haag zal zich op 19 maart- de dag van de gemeenteraadsverkiezingen- over de zaak buigen.

Wanneer een uitspraak volgt is nog niet bekend.